Hoog contrast NL FR EN
nederlandstalige Vrouwenraad vzw
Home
Portret
Persberichten
Standpunten
Dossiers
Publicaties
Prikbord
Agenda
Gelijkekansenbeleid
Fotogalerij
Nieuwsbrief

Nederlandstalige
Vrouwenraad
Middaglijnstraat 10
1210 Brussel
t: +32 (0)2/229 38 18-19
f: +32 (0)2/229 38 66
info@vrouwenraad.be
 
Links Sitemap Contact  
 
 
 
U bevindt zich hier: Prikbord < 2009 < Pink Power, 25 juni 2009, Antwerpen    
 
bloem
 

Pink Power, 25 juni 2009, Antwerpen


Gender: raakpunten en verschillen tussen de holebi- en vrouwenbeweging

  • Toespraak van Katlijn Malfliet, voorzitster Nederlandstalige Vrouwenraad

 

Soms moet er iets gebeuren, alvorens een eigenlijk voor de hand liggende vraag expliciet wordt gesteld, alvorens met verwondering wordt gekeken naar een relatie, die reeds zo lang bestaat, en die niemand in vraag stelt.

 

Zo is de vraag naar de raakpunten en verschillen tussen de holebi- en de vrouwenbeweging eigenlijk uiteindelijk in zijn volle dimensie gesteld naar aanleiding van de strategie, die de Holebibeweging naar de toekomst wil uitwerken. Gender/transgender neemt daar een vooraanstaande plaats in, als belangrijk vraagstuk voor de toekomst van de holebibeweging, naast internationaal activisme, diversiteit binnen de beweging en (seksuele) gezondheid.

 

Vandaar de vraag die aan de Vrouwenraad werd gesteld: hoe kijkt de Vrouwenraad, als koepel van Vlaamse vrouwenorganisaties, naar zijn relatie ten aanzien van de holebifederatie. Hoe ziet de Vrouwenraad mogelijke gelijklopende belangen en interesses, en waarin verschillen wij van elkaar? Het antwoord op deze vraag lig niet voor de hand, hoewel onze dagdagelijkse praktijk er eigenlijk van uitgaat dat het ook wel zonder expliciete "theorievorming" kan. Men moet bijvoorbeeld vaststellen dat er niet echt publicaties bestaan over dit onderwerp.

 

Dit betekent niet dat er in het verleden geen contacten en samenwerking zijn geweest tussen de Vrouwenraad en de holebibeweging, of dat de Vrouwenraad geen aandacht had voor de thematiek en problematiek van de homo en lesbiennebeweging. Wel integendeel. Ik verwijs hierbij naar het overleg binnen Gelijke Kansen Vlaanderen, de aanwezigheid van de Vrouwenraad op lesbiennedagen, de integratie van het holebiperspectief in onze visie, missie, standpunten, dossiers, beleidsaanbevelingen en memoranda. Denk hier maar aan onze onderschrijving van het recht op het homohuwelijk en het recht op adoptie door holebikoppels, ons pleidooi voor de gelijke behandeling van alle gezinsvormen en vormen van ouderschap, ons gebruik van de term 'partners' i.p.v. m/v, onze erkenning van de problematiek van holebi's in ROB's en RVT's, een nummer van ons tijdschrift Vrouwenraad over 'Queers', de realisatie van de dvd 'Mijn zus Zahra' over allochtone holebi's en de dvd 'Zina & Mina tales, singles intercultureel bekeken' met aandacht voor de situatie van alleenstaande lesbiennes, ...  Trouwens, heel wat lesbische vrouwen stonden als eersten op de barricaden voor de vrouwenrechten!

 

Ook qua achterban overlappen beide bewegingen elkaar. Zo telt de Vrouwenraad het lidmaatschap van een aantal vrouwenbewegingen en -organisaties (ik denk hier aan Folía, één van onze aangesloten verenigingen) die zich profileren als actief in de holebibeweging. Omgekeerd wordt de holebibeweging bevolkt door leden die ook in de vrouwenbeweging actief zijn.

 

Wat betreft de toekomst liggen gezamenlijke actiepunten en parallellen dus voor de hand. Wij zijn als van nature zielsverwanten, wij hebben een vanzelfsprekende sympathie voor elkaar, wij voelen elkaar aan.
Maar nogmaals, nu de vraag naar gelijkenissen en verschillen zo expliciet wordt gesteld, moeten wij verder zoeken naar een antwoord, dat verder reikt dan ons natuurlijk aanvoelen van verwantschap.

 

Gender speelt in ons beider bewegingen een hoofdrol, zoveel is duidelijk. Met gender bedoel ik de nadruk op de gedrags- en identiteitsaspecten van sekse, wat moet onderscheiden maar niet gescheiden worden van lichamelijke, biologische aspecten. Als de vrouwenbeweging refereert naar gender, dan wil zij vooral benadrukken dat de socio-culturele aspecten van het man-of vrouw-zijn bepalend is voor de ongelijkheid tussen mannen en vrouwen. Vele vrouwenorganisaties verlegden hun identiteit in de jaren negentig en begin van deze eeuw van vrouwenrechten en -emancipatie naar gender (de genderwetenschap heeft zich tijdens de tweede feministische golf ontwikkeld uit vrouwenstudies).

 

Wat de vrouwenemancipatie en vrouwenrechten betreft moet men constateren dat de meeste directe discriminaties zijn uit het recht zijn verdwenen, op de naamgeving na. Gehuwde vrouwen mogen namelijk nog steeds hun familienaam niet doorgeven aan hun wettige kinderen.

 

Maar met deze "formele" gelijkheid is de "vrouwenkwestie" zeker niet opgelost. De vrouwenbeweging werd tijdens deze postmodernistische periode geconfronteerd met allerlei paradoxen, die zorgden voor een verwatering van de ideologie en een vervaging van het profiel van de strijd voor feitelijke gelijkheid en erkenning van vrouwenrechten. Tegelijkertijd werd ons ongetwijfeld de kans geboden om ons gezichtsveld te verruimen, wat een hele uitdaging bleek te zijn.

 

De holebibeweging legt niet zozeer de nadruk op die strijd der seksen, integendeel, zij ziet het genderpatroon als verglijdend en veranderend: op "planet gender" zijn alle mogelijke overgangen mogelijk: bij de holebibeweging is er een "multilevel interchangeability" tussen het biologische niveau van de sexe  als biologisch verschil tussen mannen en vrouwen (het mannelijk lichaam en het vrouwelijk lichaam), naar de sexuele oriëntatie (is men hetero, holebi ) en uiteindelijk de mentale ingesteldheid, de mannelijke of vrouwelijke identiteit. Die genderidentiteit kan bovendien ook nog niet eenduidig of wisselend zijn.

 

Het gebruik van het begrip gender betekent dus niet alleen een relativering van de verbinding tussen de biologische status (selkse) en identiteit (zelf-gevoel) maar het is ook een sociologische term, die wordt gebruikt om seksegebonden maatschappelijke verschillen probeert te analyseren. Hoewel het in de holebi-vereniging niet gaat om het sociologische en politieke fenomeen van de discriminatie van vrouwen en de onderdrukking van vrouwen als groep, toch heeft ook de holebi-beweging te maken met een stereotiep verwachtingspatroon ten aanzien van wat mannelijkheid en vrouwelijkheid is, en een zekere gender-segregatie, zelfs wanneer het gaat om het evenwicht tussen mannen en vrouwen in de eigen bestuursorganen of om het evenwicht in participatie tussen homo's en lesbiennes en al diegenen die zich daartusen op de verglijdende vlakken bevinden.

 

Wij ontmoeten elkaar dus in die moeilijke relatie tussen sexe en gender en mannelijkheid en vrouwelijkheid, maar wij leggen elk andere accenten.

 

Allerbelangrijkst is dat wij beiden strijden tegen discriminatie op basis van gender. Ik denk hier bijvoorbeeld aan de aanbevelingen van de Vrouwenraad m.b.t. de erkenning van gendergebonden vervolging binnen de asielprocedure en het feit dat wij samen ijveren voor gelijke rechten en vrijheden op basis van de internationale en Europese mensenrechtenverdragen.

 

In die zin is onze politieke relevantie niet te onderschatten. Gender is een politiek betekenisvol begrip, aangezien het gaat om de manier waarop de samenleving omgaat met gepercipieerde belangentegenstellingen van groepen en individuen. Beiden, de vrouwenbeweging en de holebibeweging hebben er belang bij om hun eisen en verwachtingen zichtbaar en politiek relevant te maken. Beiden nemen daarbij een vooruitstrevend standpunt in in die zin dat zij de samenleving willen veranderen en meer rechtvaardig, tolerant en leefbaar maken.

 

Ik moet vaststellen dat de Holebibeweging meer succesvol is geweest in het laatste decennium in het doordrukken van zijn eisen (homohuwelijk, aanpassing van het erfrecht, holebi-adoptie...), meer dan de vrouwenbeweging, die toch wel een aanzienlijke verwatering heeft gekend door de samenvoeging van de vrouwenzaak met de eveneens belangrijke maar daarvan te onderscheiden diversiteitsproblematiek. De vrouwenbeweging werd daardoor stilaan te weinig zichtbaar en de vrouwendiscriminatie werd bijna letterlijk onder het tapijt geveegd, maar is zeker niet verdwenen: denk aan de nog steeds gapende loonkloof, het geweld op vrouwen, de hardnekkige stereotypen van mannen en vrouwen. Ik vrees echter dat ook de holebibeweging een confrontatie met de "backlash" te wachten staat na de min of meer succesvolle periode van vooruitgang inzake erkenning van rechten en gelijke behandeling: denk maar aan de resultaten van het onderzoek naar hoe jongeren denken over holebi's in hun nabije omgeving en de discussie over voetballers, die zich outen als homo. Inzake het homohuwelijk blijven we eveneens zitten met een intrigerende dubbelzinnigheid: is huwen niet aansluiten bij een bestaande maatschappelijke instelling (toetreden tot het bestaande instituut van het huwelijk, met al zijn sous-entendus)? Of is het homohuwelijk eerder een kwestie van een alternatief statement maken?

 

De feministische analyse van gender kreeg stilaan een postmodernistische toets, die nog steeds als een rode draad doorheen het gedachtegoed van de vrouwenbeweging loopt, en ons dichter bij de holebi-beweging brengt: moeten we de nadruk leggen op het biologische en genderverschil, en dus ondersteunende maatregelen voor vrouwen uitwerken, of  moeten we streven naar het doorbreken van die rolpatronen in een postmodernistische samenleving (en bijvoorbeeld eerder mannen maatschappelijke incentives geven om verantwoordelijkheid te nemen in het gezin, en hun "vrouwelijke kant" te laten zien? De huidige economische en financiële crisis biedt een ware opportuniteitsstructuur voor een wijziging in genderongelijkheden. Vele fouten die door leidinggevenden werden gemaakt zouden precies te wijten zijn aan een typisch "mannelijk" gedrag.

 

Stilaan, met een zekere terughoudendheid, komt de vrouwenbeweging tot de conclusie dat er "mannelijke denkers" en "vrouwelijke denkers" zijn. Want ook vrouwen kunnen mannelijk denken en haantjesgedrag vertonen en mannen kunnen bijzonder vrouwelijke karakteristieken vertonen. "Stem vrouw" zou dus bijvoorbeeld beter zijn: "Stem op vrouwvriendelijke personen M/V" of "Geef in uw stemgedrag kansen aan "vrouwelijke denkers". 

 

Nieuwe maatschappelijke paradigma's, zoals het diversiteitsdiscours, dat sommigen zo graag voeren, betekenen niet automatisch een opportuniteit. Als dit betekent dat men de sector samenbrengt tot één grote diversiteitssector, dan betekent dat dat koepels, zoals de Vrouwenraad, de oversteek moeten maken naar een breder platform, nl. dat van de diversiteit, terwijl de M/V problematiek zich voordoet in elk van de onderscheiden doelgroepen. Wij worden daar dus niet beter van, integendeel, het risico bestaat dat bestaande structuren en middelen worden meegenomen in het diversiteitsbad . een dergelijke constructie bevordert niet noodzakelijk de samenwerking en onderlinge solidariteit, maar wakkert eventueel de concurrentie aan. Eerst spraken we over emancipatie, daarna over gelijke kansen M/V, dan gewoon over gelijke kansen, over gender, en over diversiteit. Uiteindelijk stellen we vast dat over vrouwen en genderdiscriminatie niet meer of nauwelijksnog gesproken wordt. Wij staan dus huiverig tegenover zo'n containerbegrip als diversiteit, dat uitnodigt tot verschillende uiteenopende definities en beleidsinvullingen. Elke minister spreekt erover, maar bedoelt blijkbaar iets anders.

 

Ook de vrouwenbeweging is op dat punt aan herbronning toe. Ook zij moet haar "ideologie" telkens bijstellen in het kader van een evoluerend maatschappelijk denken. Wij zullen ons graag inspireren aan wat de holebibeweging ons heeft voorgedaan inzake bezinning over het eigen profiel. Misschien kunnen wij ook eens denken over een nieuwe "verpakking".

 

Het moge duidelijk zijn dat wij, hoewel verschillend in de belangen die wij nastreven, elkaar kunnen versterken in wat ons bindt, in onze "iconoklastische" rol. Vanuit ons gesitueerd-zijn als –op minder of meer subtiele wijze- onderdrukte groep in de maatschappij kunnen wij in solidariteit handelen met onze soort- en lotgenoten, en samen uitgroeien tot een krachtige stem in het maatschappelijk debat. De leuze zou als volgt kunnen klinken: "Genders aller soorten, verenigt U".


print