Hoog contrast NL FR EN
nederlandstalige Vrouwenraad vzw
Home
ID
Persberichten
Standpunten
Dossiers
Publicaties
Prikbord
Agenda
Gelijkekansenbeleid
Fotogalerij
Nieuwsbrief

Nederlandstalige
Vrouwenraad
Middaglijnstraat 10
1210 Brussel
t: +32 (0)2/229 38 18-19
f: +32 (0)2/229 38 66
info@vrouwenraad.be
 
Links Sitemap Contact  
 
 
 
U bevindt zich hier: Persberichten < Wat vrouwen willen    
 
bloem
 

Wat vrouwen willen


De Morgen - 4 november 2009

 

De "Vrouwenkwestie" haalde weer herhaaldelijk het krantennieuws vorige week. Minister voor Gelijke Kansen Pascal Smet wil vrouwen bijvoorbeeld beter informeren over hun verlies aan pensioenrechten, wanneer ze beslissen om halftijds te gaan werken. De idee is niet nieuw: "denk twee keer na voordat je halftijds gaat werken" is al geruime tijd een slogan. Nieuw is wel dat de minister zelf zo'n campagne lanceert. De idee staat trouwens ook uitgebreid toegelicht in zijn ontwerp van beleidsnota. Ongeveer tegelijkertijd verschenen de onderzoeksresultaten van een enquête, die het Hoger Instituut voor de Arbeid heeft gedaan in opdracht van Kind en Gezin. Daaruit blijkt dan weer dat vrouwen liever meer tijd aan de opvoeding van hun kleine kinderen zouden besteden, terwijl mannen vinden dat zij een aanvaardbaar evenwicht hebben gevonden in de combinatie van gezin en arbeid. Het World Economic Forum liet België in zijn jaarlijks rapport over de Gender Gap een aantal plaatsen dalen in de ranglijst der landen: vooral de loonkloof blijft in België onaanvaardbaar groot. Het populaire TV-programma "De Slimste Mens" durfde hooguit één vrouw opnemen in haar nieuwe veelkoppige juryproject.  Tenslotte is "Europa" op zoek naar échte leiders, die het Europees project uit de impasse kunnen halen: een stevige Commissie, maar vooral een Voorzitter van de Raad van Ministers (een Europese President) en een Hoge Vertegenwoordiger voor Buitenlands Beleid (een Europese Minister van Buitenlandse Zaken). De genoemde kandidaten zijn hoofdzakelijk mannen (er is één schitterende vrouwelijke kandidate: Vaira Vike-Freiberga, ex-president van Letland (1999-2007)) want hoe kan zo'n belangrijk leiderschap nu aan een vrouw worden toevertrouwd, tenzij ze uitgesproken Thatcher-allures heeft?

 

Dit alles is toch wel merkwaardig: vrouwen maken de helft uit van de bevolking. Zij zijn duidelijk het slachtoffer van groepsdiscriminatie: de cijfers zijn al zo vaak herhaald en ze wijzen ontegensprekelijk in de richting van structurele problemen. Vrouwen zijn de grootste slachtoffers van geweld, vrouwen verdienen minder dan mannen voor gelijkaardig  werk, vrouwen in topfunctties blijven schaars, armoede is vrouwelijk, vrouwen dragen in gepresteerde uren uitgedrukt de grootste last van het huishouden. Genoeg redenen dus, zou men denken om de vrouwenbelangen te bundelen en samen als vrouwen op te komen voor een verbetering van deze situatie. Als de helft van de bevolking duidelijk haar eisen formuleert, dan zouden die toch ook politiek moeten worden gerealiseerd, zou men denken. Al was het maar omdat meer evenwicht tussen mannen en vrouwen een zaak is van algemeen belang. Maar dat gebeurt nu net niet: de krakkemikkige organisatie van de kinderopvang in ons land is daar het beste voorbeeld van.

 

Vandaar het pleidooi voor meer samenwerking, onderlinge verstandhouding en solidariteit tussen vrouwen van de meest diverse pluimage. De vrouwenbeweging treedt immers nog teveel in verspreide slagorde op. Vrouwenafdelingen van partijen moeten zich de vraag stellen wanneer zij bereid zijn het vrouwenbelang zelfs hoger in te schatten dan het partijbelang. Vrouwenbewegingen moeten zich de vraag stellen waarvoor zij prioritair willen gaan. Als op die manier duidelijk zou worden wat vrouwen willen, m.a.w. welke prioriteiten zij belangrijk vinden, dan zou dit een Wende betekenen, die geen voorgaande kent. Ideaal zou trouwens zijn – dit is niet zo'n utopische gedachte- dat de Vrouwenbeweging naast zich een Mannenbeweging zou hebben waarmee zij in dialoog en samenwerking zou kunnen gaan. 

 

Deze benadering heeft ook zijn electorale implicaties: willen vrouwen en mannen in de politiek noodzakelijk hetzelfde? Vrouwen zijn niet alleen de helft van het kiespubliek, maar zij worden ook aangemoedigd om zich verkiesbaar op te stellen. De campagne voor meer vrouwen in de politiek wordt al een aantal decennia gevoerd. Een steeds strengere quotaregeling in de kieswetgeving zorgde voor aanzienlijke vooruitgang op dit vlak. In een democratisch-pluralistische structuur is het echter paradoxalerwijs niet zo dat meer vrouwen in de politiek noodzakelijk betekent dat de vrouwenbelangen beter worden verdedigd.  De vraag blijft dan hoe de vrouwenbeweging zich best opstelt om haar belangen te verdedigen en duidelijk te maken wat zij wil, om minder afhankelijk te zijn van de economische of politieke conjunctuur van het ogenblik. Eén ding is duidelijk: zeker niet in verspreide slagorde.  

 

Professor Katlijn Malfliet is voorzitter van de Nederlandstalige Vrouwenraad en onderzoeksdirecteur aan het Instituut voor Internationaal en Europees Beleid van de KULeuven

 


print