|
De weg naar de politieke top is bezaaid met handgranaten, schietgeweren en opiniestukken van Walter Pauli
juni 2001
Langs deze weg willen we allereerst Kim Clijsters en Justine Henin feliciteren met hun schitterende sportprestaties op Roland Garros. Het vrouwentennis staat in het middelpunt van de belangstelling en slaagt er zelfs in de mannelijke tennisprestaties naar de achtergrond te verdringen. Zowaar een historisch gebeuren.
We hopen alleen dat dankzij het vrouwentennis nu ook het vrouwenvoetbal, de vrouwenwielersport meer aandacht zullen krijgen. Het gebrek aan belangstelling voor sommige sporten die ook door vrouwen beoefend worden, heeft tal van oorzaken en heeft weinig te maken met een gebrek aan inzet of met onkunde van de vrouwelijke sporters zelf. Maar goed, hetzelfde verhaal speelt zich af in de politiek en daarover willen we hier hebben.
De projectie die Walter Pauli in het Standpunt (De Morgen, 6 juni) van de situatie van het actuele vrouwentennis maakt naar de positie van vrouwen in de politiek is in eerste instantie ongeldig en tart elke logica. Kim Clijsters en Justine Henin hadden geen positieve maatregelen nodig. Want, zo redeneert Walter Pauli, kwaliteit drijft altijd wel boven. Dat een vrouw aan de top staat in het vrouwentennis is nogal wiedes. Kim Clijsters moet het niet direct opnemen tegen Gustavo Querten en Ulla Werbrouck niet tegen Harry Van Barneveld. Het zou trouwens wel een boeiend experiment zijn, mochten ze het toch eens doen.
Maar voor we appelen en citroenen (u mag kiezen wie wat is) vergelijken, toch het volgende: de ondervertegenwoordiging van vrouwen in het politieke bedrijf heeft een hele reeks oorzaken die zich als een sluipend gif genesteld hebben in een waslijst van structurele mechanismen. Met andere woorden vele discriminaties zijn onzichtbaar, verdoken en het resultaat van een complex maatschappelijk raderwerk en van impliciete weerstanden. Een mechanisme dat we ook kennen als het gaat om onze gekleurde medeburgers. We spreken hier eigenlijk van subtiele mechanismen van discriminatie, waarvan de publieke opinie wellicht zal zeggen: "Maken jullie je dáár nog druk om!". Het zijn precies deze discriminaties, die men niet ziet of niet direct waarneemt, die het meest hardnekkig zijn. Ook blindheid, vooral van kritische journalisten, bevestigt en versterkt de bestaande vooroordelen en uitsluitingsmechanismen. Bovendien zorgen die subtiele mechanismen ervoor dat men vrouwen houdt waar ze in de hoofden van vele mannen en ook van vrouwen zelf thuishoren: in de tweede linie. Heeft het zin om De Morgen-lezer, op basis van de huidige deelname aan het beleid, er nog eens op te wijzen dat er vele verschillen bestaan tussen mannen en vrouwen in de politieke arena? Opinieschrijver Pauli kiest ervoor om los van enig objectief criterium politici te klasseren als eredivisie- of tweedeklassespelers. Waar hebt u het eigenlijk over? Is dat een aanvoelen? Neemt u de persbelangstelling voor de vrouwen die u vernoemt als uitgangspunt? Laten wij u helpen: een onderzoek gefinancierd door het programma Beleidsgericht Onderzoek van het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, met als titel 'Het Vlaams Parlement, Nieuwe Politieke Cultuur en het potentieel voor de valorisering van het maatschappelijk kapitaal van vrouwen in de politieke besluitvorming' (onderzoek uitgevoerd door de VUB) leert ons dat er gewerkt wordt in het parlement en dat het vooral de vrouwen zijn die dit doen (overduidelijke grotere aanwezigheid in commissies, groter aantal parlementaire initiatieven, enz.). Kortom, ze doen wat ze aan degenen die voor hen gekozen hebben verschuldigd zijn. Het vaststellen van verschillen is één ding, maar vragen naar het waarom is belangrijker. Feit is dat we verschillen moeten blootleggen om ze te kunnen duiden en eventueel te veranderen. Als we die verandering willen tenminste. In het domein van de politieke besluitvorming merken we zelfs een dubbele ongelijkheid: vrouwen zijn nog sterk ondervertegenwoordigd (een makkelijke groep dus om aan de kant te schuiven) en er is het bestaan van heersende informele regels en praktijken die zowel bewust als onbewust ingezet worden om mensen die toch een poging wagen, te imponeren, af te schrikken en/of belachelijk te maken.
Het mag hier duidelijk zijn: onze politieke cultuur heeft geen geslacht maar is gendergeladen. Het zijn dus vooral de heersende regels, praktijken en structurele mechanismen die onze aandacht trekken en niet de individuele prestaties ("Naar de top, op eigen kracht"). Binnen Vrouwenstudies wordt heel wat denkwerk verricht waarvan de neerslag deze kolommen ver overschrijdt. Feit is dat de hangijzers en schietgeweren verspreid liggen over zowel de rekruterings-, de selectie- als de verkiezingsfase. Hierbij spelen zowel institutionele factoren (al dan niet inschrijven van de gelijkheid in de grondwet, een proportioneel kiesstelsel of een meerderheidsstelsel, overdracht van de lijststemmen, dubbele mandaten, enz.) als seksegerichte socialisatie een rol. Om nog maar te zwijgen van de gendergeladenheid van het machtsproces zelf. De verschillende machtsbronnen (deskundigheid, formele positie, referentie- en sanctioneringsmacht) worden ongelijk verdeeld tussen mannen en vrouwen en opnieuw anders ingevuld. Een verhaal apart.
U merkt het: de oplossing van de ondervertegenwoordiging ligt verspreid over vele maatschappelijke domeinen en actoren. Het is dan ook een uitdaging om een samenhang te ontwikkelen tussen de verschillende deeloplossingen. Zowel op Europees, federaal, Vlaams als lokaal vlak worden plannen uitgetekend voor een meer evenwichtige deelname van mannen en vrouwen aan de politieke besluitvorming. Mijnheer Pauli, u hebt met uw standpunt een complex verhaal gestart en u hebt ons de kans geboden om zogenaamde evidenties te ontkrachten. Dat dit het begin mag wezen van een hele reeks onderzoeken met artikels in de pers, concrete beleidsaanbevelingen en maatschappelijke veranderingen tot gevolg! Waarvoor dank!
Als afsluiter nog even dit: omdat we geen vijfhonderd jaar meer willen wachten – sleutelen aan maatschappelijke veranderingen duurt namelijk lang - blijven quota noodzakelijk als duwtje in de rug op de weg naar paritaire democratie.
- Mieke Vogels Vlaams Minister van Welzijn, Gezondheid en Gelijke Kansen - Francy Van der Wildt Voorzitster Vrouwenraad

|
 |